Even bijpraten over BSG 3


Jullie zullen het verslag van ronde 5 gemist hebben (of misschien ook niet), dus voor ik inga op ronde 6 graaf ik even in mijn geheugen en ga terug naar 20 januari. Na het debacle bij Vegtlust leverde de wedstrijd tegen Paul Keres 5 een gelijkspel op.
Al na een uurtje werd het 0-1 doordat teamleider Mark Pieterse midden op het bord zijn dame liet vangen.
En het werd erger. Rob van Swinderen had met zwart een gat op g7 en geen zwarte loper om dit te dichten. Dat deed zijn tegenstander voor hem.
De 0-3 kwam bij Rik Weidema. Een gevalletje van waar staat de koning. O daar. Dan stuur ik al mijn stukken er op af. De zwarte stukken keken vanaf de damevleugel toe.
Het moet een gelijkspel worden, dus tijd dat er iets terug gedaan wordt. Bert Balke met wit en geen tijdnood, dat wordt smullen. In de eindstand had zwart geen pionnen meer om zich te verschuilen voor de vier stukken die hem belaagden.
Ik was zelf erg tevreden over mijn stelling, maar Fritz gaf aan dat ik tot zet 18 echt veel slechter stond. En het torenoffer dat ik pleegde was niet winnend, maar maakte mijn stelling minder slecht. Gelukkig speelde ik niet tegen Fritz, maar tegen vlees en bloed, en werd mijn stelling steeds iets beter.  Het werd me wel erg makkelijk gemaakt door een torenkado.
Ruben zorgde voor 3-3. Hij won een kwaliteit, maar had daar veel tijd in gestoken. Met het huidige tempo kon zijn tegenstander hiervan niet profiteren.
Met de partijen van Rob Tijssens en Rein Brouwer gaande, leek een kleine overwinning erin te zitten. Elke keer als ik langs het bord van Rob liep dacht Te1, want de zwarte koning stond nog op e8. Maar het gebeurde steeds niet. En toen was het opeens uit. Geen idee wat er gebeurd is.
4-4 werd er toch uitgesleept door Rein. Rein moet je verslaan voor het eindspel. Geef hem een vinger in het eindspel en je hand zie je niet meer terug.

    BSG 3                             – Paul Keres 5                      4-4
1. R. Brouwer (Rein)            – J.T. Teuben (Jan)               1-0
2. B. Balke (Bert)                 – J. Wiggerman (Jan)            1-0
3. R. Weidema (Rik)            – M. Wallace (Mitchel)          0-1
4. E. van de Velden (Eddy)  – Y.A.J. Gerritse (Youri)        1-0
5. R.K. van Swinderen         – G.F.M. Halve (Gerard)        0-1
6. R. Tijssens (Rob)             – F. Heinen (Frank)               0-1
7. M. Pieterse (Mark)           – P.G.H. van den Belt (Peter) 0-1
8. R.J. Piel (Ruben)              – R.J. Pel (Ritsaert)                1-0

Vrijdag 16 februari, ronde 6, tegen Moira Domtoren, zonder captain Mark Pieterse, maar met Florian Wagener.
Weer een snelle achterstand. Ruben had na een Trompovski met zwart iets te enthousiast enkele pionnen van zijn koningsvleugel één veldje vooruit geschoven. De koning stond hierachter op rampspoed te wachten. En vond het.
De tweede nederlaag had die van mij moeten zijn. Na 6 zetten had ik twee stukken geofferd in het koningsgambiet. In 2008 had ik dezelfde variant gespeeld en Mark Pieterse schreef toen dat ik als een jonge god speelde. Nu was het meer als een oude l*l. Met wat bluf en wat extra pionoffers kwam ik goed weg met eeuwig schaak..
Rob van Swinderen ging ten onder aan een zwakke h-lijn. Pionverlies volgde en de reddingsoperaties maakten het er niet beter op.
Rein deed wat terug. Tegen de 13 jarige Kokje kwam hij een pion achter. Gelukkig besloot Kokje de dames te ruilen en dat moet je niet doen tegen Rein. Want bij eindspelen komt ervaring bovendrijven. En dan wint uiteraard Rein. Maar van die Kokje gaan we meer horen.
Verbaasd zag ik Rik’s tegenstander, Jan Bettman, 1. e4 spelen. Wat conservatief van hem. Maar gelukkig volgde 1..e5 2. f4, ef4 3.Lb5. Bettman’s heerschappij van de e-lijn leverde hem de dame tegen toren en loper op. Wat voor Rik erger was, was zijn pionnenstructuur: een h-pion, twee f-pionnen, twee c-pionnen en twee a-pionnen. In deze pionnenchaos kon de loper niet meer gered worden.
De tegenstander van Rob Tijssens moest zijn koning op f6 posteren. Dat is met een vijandige loper op b2 niet plezierig. De daaruit volgende dreigingen werden zwart teveel. Na stukwinst was het snel uit.
Forian en Bert zaten nu met een probleem. Objectief gezien zouden ze gedane remise-aanbiedingen moeten accepteren. Maar gezien de stand speelden ze beiden door. Florian had een stuk tegen vier pionnen en tijdvoordeel. Maar de vijandelijke stelling kende geen verzwakkingen die uitgebuit konden worden. Remise derhalve.
Bij Bert was remise ook logisch, maar zijn traditionele tijdnood verleidde zijn tegenstander om door te spelen. Bert kreeg nog het initiatief in een lopereindspel, maar er viel (mede gezien de tijd) niet meer dan remise uit te halen.
Door deze nederlaag (4½-3½) staan we op precies 50%: 6 uit 6. Geen promotie-/degradatiekansen.

    Moira-Domtoren 2              – BSG 3                            4,5-3,5
1. J.J.I. Kokje (Joris)                 – R. Brouwer (Rein)               0-1
2. J.A. de Kraker (Johnny)        – F.O.O. Wagener (Florian) 0,5-0,5
3. W.M. Le Fevre (Wouter)       – B. Balke (Bert)                  0,5-0,5
4. J. Bettman (Jan)                  – R. Weidema (Rik)                 1-0
5. D.J. van Beek (Jorn)            – E. van de Velden (Eddy)    0,5-0,5
6. E.M.M. de Vroome (Ernest) – R.K. van Swinderen             1-0
7. G. Wallace (Gavin)              – R. Tijssens (Rob)                 0-1
8. M.A. Mellegers (Maarten)    – R.J. Piel (Ruben)                  1-0

Eddy van de Velden
 

Comments & Responses

Geef een reactie