Een geflatteerde afslachting


Zaterdag 23 april speelde BSG 1 tegen LSG 2 in hun befaamde en al lang gebruikte clubgebouw. De punten bleven echter in Leiden. Mede door een aantal gemiste kansen ging de wedstrijd met ruime cijfers (7½-2½) verloren.

Voorafgaand aan deze wedstrijd had onze captain Timon een tactische opstelling bedacht die op borden 5-10 vooral de punten in de wacht moesten gaan slepen. Dit leek zo na ongeveer een tot anderhalf uur zeer zeker te gaan werken. De letterlijk laatste borden (8, 9 en 10, Henk, Mark & Jesper) stonden zeer aangenaam in zowel op het bord als op de klok. Dit zouden zomaar eens 3 punten kunnen gaan worden.

Het liep even toch wat anders. Als eerste was Frans klaar die met zwart de Breyer-variant van het Spaans speelde. Frans had kleine kansen in het centrum, waarop  tegenstander Stefan van Blitterswijk zich op de damevleugel richtte en er uiteindelijk voor koos de stelling te sluiten. Vervolgens kwam een remiseaanbod dat Frans accepteerde. Hierdoor was Frans dus als eerste klaar, maar desondanks duurde de partij zeker drie keer langer dan zijn laatste.

Timon speelde op bord 4 met zwart tegen Alexander Polak. Na een rustige opening zocht Timon met opportunistische zetten als …b5 en …b4 op de damevleugel en …g5 en …g4 op de koningsvleugel het initiatief. Dat ging wel ten koste van een pion. Zijn tegenstander pareerde behendig en nadat de compensatie was verdwenen, waren enkele vereenvoudigende zetten voldoende om de pluspion tot winst om te zetten.

Jesper stond naar eigen zeggen wat minder het grote deel van de partij. Maar zijn ‘oppo’ Wim Heemskerk had veel tijd verbruikt. Waarschijnlijk daardoor zag hij tot twee keer toe een combinatie met een dodelijke …Pe1-vork over het hoofd. Eerste kostte hem dat twee keer een tempi en vervolgens een toren. Zo kan het dus opeens snel over zijn.

Iskander speelde met wit op bord 3 tegen Martin Roobol, een huurling die was ingevlogen voor onze wedstrijd, zo leerde ik nadien van Timon. In de Pirc besloot Iskander met 6.g4 een pion te offeren. Daarna kreeg hij compensatie en mooi spel (volgens hemzelf en de tegenstander), maar op de een of andere manier ging het ergens fout. Makkelijk was het zeker nier voor de tegenstander, die lange tijd scherp moest opletten voor allerlei combinaties. Dat deed hij echter goed en na de tijdcontrole resteerde een dame-eindspel waarin zwart één pion meer had. Dit werd makkelijker gewonnen dan had gemoeten door een onachtzaamheid op de 41e zet, waarna de dames werden geruild en er helaas een nul resteerde aan Iskanders kant.

Rein mocht het met zwart proberen op bord 2 tegen Rudy van Wessel. Hij koos, zoals achteraf bleek, een verkeerd plan in het middenspel. Het zag er op zich niet meteen rampzalig uit, maar zijn ervaren tegenstander wist het plusje uit te bouwen en de partij af te maken met een thematisch offer dat Reins pionnenstructuur kapot sloeg. Daarmee was het pleit beslecht.

Toen kwamen we uit bij Henk. Vanuit de opening kwam hij door actief spel snel in een veelbelovende stelling terecht tegen Michiel van Wissen. Echter door een moment van aarzeling haalde hij er niet uit wat erin zat en na een paar mindere zetten was het ineens niet zo duidelijk meer. Vlak voor de veertigste zet raakte Henk een kwaliteit tegen een pion achter en stond er een eindspel op het bord dat niet meer te verdedigen was.

Ton met wit kwam in een zeer goed voorbereide variant van tegenstander Peter Passenier terecht. In het Koningsindisch kwam Ton te passief uit de opening en zat de hele partij opgescheept met een slechte loper. Een hele partij verdedigen ligt niet in de aard van de witspeler. Het leek erop dat er nog een soort verdediging was maar zwart veroverde steeds meer terrein op de open b-lijn. Door een tactische misser ging er een belangrijke pion verloren en hield de wit het voor gezien.

Ewoud kwam gelijkwaardig uit de opening en wist rond zet 20 wat kleine plusjes te krijgen tegen Eelke Wiersma. Hierna werden de kleine plusjes steeds grotere plussen en stond hij lange tijd gewonnen. Ewoud deed twee verkeerde torenzetten achter elkaar en al het witte voordeel was plots weg. Sterker nog, zwart stond beter. Wit had zeker nog kans op remise, maar deze werden gemist. Het verschil tussen h4 of h3 (gaatje maken voor de koning) bleek van levensgroot verschil. Van h3 naar een gelijkwaardige stelling tot h4 naar compleet verloren.

Mark speelde aan witte kant een gesloten Frans met Lg2 tegen Jan Hellenberg. Die dacht dat zijn koning redelijk veilig stond op de damevleugel, maar het was voor wit makkelijk om aanknopingspunten te vinden. Het was al snel +3, +4. Wit kwam een kwaliteit voor, maar zag een tussenzetje over het hoofd, waardoor zwart naar een eindspel kon afwikkelen in plaats van opgeven. Dit eindspel werd echter niet correct gespeeld door de zwartspeler, waardoor Mark redelijk eenvoudig en alsnog de winst over de streep trok.

Ruben speelde aan bord 1 tegen Raoul van Ketel, een speler met 200 elopunten meer. Vandaar dat Ruben het in de opening rustig aanpakte en na 40 zetten er een gelijk dame-eindspel op het bord stond. Hier vond zwart een interessant plan om de witte damevleugel te verzwakken met c5-c4, hoewel Ruben met correct spel zeker remise had kunnen houden. Zoals het ging werd het een instructieve les in eindspeltechniek waarbij zwart een sterke vrije b-pion kreeg. Tegen het einde van de partij speelde zwart het niet helemaal nauwkeurig waardoor Ruben op zet 79 nog remise had kunnen houden door af te wikkelen naar een pionneneindspel met een pion minder dat theoretisch remise was. Helaas werd dit gemist door Ruben. Daar staat tegenover dat zwart in een eerdere fase van het eindspel een makkelijkere winst over het hoofd zag. Dus al met al een terechte winst voor zwart.

Al met al dus een geflatteerde ‘afslachting’ kunnen we wel zeggen (7½-2½), die heel wat anders had kunnen aflopen. Ons BSG 1 moet het nu in de allerlaatste speelronde laten zien en alles uit de kast halen om lijfsbehoud te behouden. Dit zal dus moeten gebeuren in Venlo tegen Blerick 1. Een loodzware dobber, maar toch zal het lukken! Een zeer mooi affiche om naar uit te kijken 21 mei!

LSG 2 (2228) – BSG (2124) 7½-2½
1. Raoul van Ketel (2254) – Ruben Hilhorst (2019) 1-0
2. Rudy van Wessel (2361) – Rein Brouwer (2030) 1-0
3. Martin Roobol (2278) – Iskander Schrijvers (2042) 1-0
4. Alexander Polak (2210) – Timon Brouwer (2023) 1-0
5. Eelke Wiersma (2253) – Ewoud de Groote (2225) 1-0
6. Stefan van Blitterswijk (2298) – Frans Borm (2091) ½-½
7. Peter Passenier (2140) – Ton van der Heijden (2272) 1-0
8. Michiel van Wissen (2238) – Henk van der Poel (2227) 1-0
9. Jan Hellenberg (2089) – Mark Grondsma (2088) 0-1
10. Wim Heemskerk (2163) – Jesper de Groote (2220) 0-1

Mark Grondsma

Tags: , ,

Comments & Responses

Geef een antwoord