BSG 2 SOS: Een moeizaam begin van de externe competitie

Het tweede SOS-team mocht op vrijdag 26 september aantreden tegen het eerste team van de Larense S.C. Als kersverse teamcaptain mocht ik meteen aan de bak. Allereerst heb ik eigenhandig het verzoek van de gastheren om deze match met een week te vervroegen tegengehouden. Laren speelt op vrijdagavond en op de zaterdag een week eerder stonden er ook een aantal KNSB-wedstrijden gepland, waar ook enkele van onze team mee zouden doen. Dat leek me een beetje te veel van het goede.

Door Harold van der Laan

Uiteindelijk besloot de captain van Laren dat er dan toch wel gespeeld kon worden op de oorspronkelijke datum. Dat stelde ons dan voor een aantal uitdagingen, want ik moest vervanging gaan zoeken voor Tom en Melchior. Cees Beijen en Beat Scheidegger waren bereid in te vallen.

Voor de opstelling hanteerde ik geen tactiek, gewoon opstellen op basis van actuele speelsterkte. Met een schuin oog had ik al wel even gekeken naar de ratings van de tegenstander en toen wist ik al wel dat het zwaar zou worden op de hoogste borden.

Van de partijen zelf heb ik niet veel meegekregen, omdat ik toen nog niet bedacht had een verslag te schrijven. Na afloop van de wedstrijd leek het me toch wel aardig iets te schrijven. Zelf lees ik eigenlijk altijd wel alle verslagen op de site van BSG en afgelopen seizoen las ik vooral heel veel verslagen van andere teams, omdat er niet veel over het eigen team verscheen. Het leek me dus een poging waard om er toch nog iets van te maken.

Na een rondvraag aan de teamleden stuurde Beat me een paar mooi fragmenten op uit zijn partij. Hier volgt integraal zijn verslag:

Ik speelde op bord 8 met zwart tegen Han Berends (1632). Na de lange rokade en oprukkende pionnen aan mijn koningsvleugel stond wit al na tien zetten duidelijk beter. Op de 15e zet dacht ik dat mijn beste verdediging een pionoffer was. Fout dus. Na wat gerommel op de vierkante centimeter heeft wit eindelijk zijn tweede toren geactiveerd, een paard geruild en staat veel beter (om niet te zeggen gewonnen). Stand na zet 22:

Ik zag een dreigend mat op g8 maar kan natuurlijk gewoon de loper op h6 slaan met schaak en vervolgens op de g-lijn de torens ruilen.

Na enkele min of meer correcte zetten bereiken we na zet 36 van wit de volgende stelling:

De stand is nagenoeg gelijk en zwart verkeert in hevige tijdnood maar maakt geen fout en na de 40e zet biedt wit teleurgesteld remise. Zwart accepteert uiteraard. Het is 23:45.

Tot zover het relaas van Beat. Het was de laatste partij die toen eindigde. Voor de rest liet Cees Beijen me weten dat het niet zijn avond was. Hij was als eerste klaar. Na het weekend op de clubavond sprak ik nog even met hem en toen sprak hij over een torenoffer wat niet helemaal goed uitpakte. Dan kan het inderdaad hard gaan.

Van de andere partijen kan ik helaas niet heel veel melden, mijn excuses Theo, Cees-Jan, Lodewijk en Roel. Een volgende keer zal ik me daar wat beter op instellen. Vermeldenswaardig is nog wel de knappe remise die Jeroen tegen een 2000-speler uit het vuur sleepte. De sterke tegenstand van een jaartje hoofdklasse werpt dus nadrukkelijk zijn vruchten af.

Ok, dan tot slot nog een paar fragmentjes uit mijn eigen partij. Nadat ik voor mijn gevoel de hele partij met zwart onder druk stond, terwijl Stockfish toch steeds aangaf dat ik iets beter stond, wist ik stap voor stap het voordeel uit te bouwen tot ruim -5. Dat is best veel, maar dan moet je wel de juiste voortzetting kiezen vanuit deze stand:

In plaats van te kiezen voor loperwendingen met 1…Ld3 of 1…Lg4 koos ik de voordeel verdampende zet 1…Tb5?, denkend dat ik een paard kon verschalken. Maar ik had even niet gezien dat 2.Pxc4 mogelijk was met torenruil tot gevolg om pionverlies te voorkomen. Aldus geschiedde. Weg voordeel.

Vervolgens ging het nog een keer met 5 punten op en neer. Een aantal zetten later stond het zo:

In deze stelling was ik zo gefocust op het winnen van de pion op f4, dat ik niet zag wat voor een mooie dreiging er onbewust was gecreëerd, die mijn tegenstander ook over het hoofd zag. Na zijn zet 1.Ta7? kan ik heel simpel voortzetten met 1…Le2+ en paardwinst. Mijn pionhonger was helaas groter. Dus het werd toch nog even doorploeteren. Gelukkig viel iets later ook de pion op h4 waarna ik uiteindelijk wist door te lopen met mijn h-pion en de winst veilig kon stellen.

Larense S.C. (1871) – BSG 2 SOS (1790) 6-2
1. Gustav ten Kate (1991) – Theo Slisser (1858) 1-0
2. Maarten Hoolsema (1995) – Lodewijk van Pol (1827) 1-0
3. Marnik Woldhuis (1976) – Cees Jan den Haan (1808) 1-0
4. Jordan van Wijk (1818) – Harold van der Laan (1800) 0-1
5. Hans Wijnand (2020) – Jeroen Olislagers (1787) ½-½
6. Michel Tobar (1758) – Cees Beijen (1766) 1-0
7. Paul Voortman (1781) – Roel de Vrijer (1745) 1-0
8. Han Berends (1632) – Beat Scheidegger (1727) ½-½

Geef een reactie