Nagedachtenis aan Jan Timman

2½ week geleden werden we opgeschrikt door het droevige bericht van het overlijden van Jan Timman. Een schaakicoon was heengegaan.

Tekst van Ton van der Heijden

Het was al een tijdje duidelijk dat er iets aan de hand was met Jan. Bij een schaakfestival in 2025 in Arnhem (zijn woonplaats) zegde Timman op het allerlaatste moment een schaaksimultaan af. Dat deed hij anders nooit. Hij bleek toen al ziek te zijn.

Jan Timman leerde op jonge leeftijd schaken van zijn oudere broer Ton. Al snel bleek dat Jan een groot talent was. Op twaalfjarige leeftijd nam hij al deel aan het jeugdkampioenschap tot twintig jaar.

In De Groene Amsterdammer staat een mooie foto van een twaalfjarige Timman tegen een negentienjarige Hans Ree. Jan werd toen nog geen kampioen, maar twee jaar later, op veertienjarige leeftijd, lukte hem dat wel.

Hij kreeg in die tijd training van Hans Bouwmeester, die altijd zei: “Schaken leer je van grote meesters.” Voor Timman waren de grote meesters Botwinnik en Smyslov erg belangrijk voor zijn schaakontwikkeling.

Jan nam de gewoonte van Botwinnik over om zijn eigen partijen grondig te analyseren en te publiceren. Later volgden ook zijn beroemde schaakboeken. Een van zijn eerste boeken ging over Fischer, dat hij samen met Tim Krabbé schreef. Timman verzorgde de analyses. Eerst publiceerde hij analyses in Schaakbulletin en later in New in Chess. Zo konden we zijn schaakcarrière goed volgen.

Ook via het radioprogramma Man en Paard, gepresenteerd door Hans Böhm, konden we Timman volgen. Dat programma liep van 1978 tot en met 1992. Jan Timman belde iedere week in vanuit welk land hij ook een toernooi speelde. Het hoogtepunt van dat programma was ieder jaar in december: een match van zes partijen tegen een sterke buitenlandse grootmeester. Vooral zijn match in 1985 tegen Kasparov, toen net wereldkampioen, was indrukwekkend. In een bomvolle KRO-studio verloor Timman weliswaar met 4-2, maar hij won één prachtige partij.

In die match kwamen zijn karaktereigenschappen duidelijk naar voren: enorme vechtlust, optimisme over de eigen kansen, veel zelfvertrouwen en een groot vermogen om zich uit moeilijke posities te redden. Wel had hij soms last van de Nederlandse ziekte: een tactische blunder. Dat hadden Euwe en vooral Donner overigens ook.

Ik heb Timman zelf meegemaakt in diverse simultaans. In 1986, toen BSG 75 jaar bestond, speelde hij een simultaan. Mijn partij eindigde na een spannende strijd in remise. Een andere keer speelde hij een blindsimultaan op het Spui in Amsterdam tegen vijf sterke tegenstanders, waaronder ikzelf. Hij won met 3½-1½. Mijn partij werd na complicaties remise. Een zeer indrukwekkende prestatie.

In de jaren tachtig behoorde Timman tot de absolute wereldtop. Alleen Kasparov en Karpov waren beter. Jarenlang was hij Best of the West. Zijn broer Ton Timman vergeleek hem ooit met Rembrandt: “Een grootmeester die met verbeeldingskracht nieuwe dimensies op zijn speelveld opende.”
Rembrandt liet schilderijen na waar wij nog altijd van kunnen genieten. Jan Timman liet ons prachtige partijen, analyses en schaakboeken na. Hij blijft altijd in onze herinnering. Laten we een minuut stilte houden ter nagedachtenis aan Jan Timman.

Geef een reactie