Inleiding
Zaterdag 7 maart moest BSG 1 thuis aantreden tegen MSV 1. Ook speelden BSG 2 en 3 hun thuiswedstrijden. Een volle zaal dus, verdeeld over 24 borden en partijen. Vorig seizoen speelden we ook tegen MSV, maar toen uit in Meppel. Die zeer interessante ervaring heb ik gelukkig niet hoeven meemaken omdat ik verhinderd was. Maar van mijn teamgenoten heb ik er weinig goeds over gehoord, dus zal ik er eens een lekker controversieel verslag van maken.
Door Mark Grondsma
Na het horen van hun ervaringen legde ik al snel de link naar een andere KNSB-wedstrijd in Amsterdam tegen Laurierboom-Gambiet, een jaar of twee geleden. Er waren namelijk nogal wat overeenkomsten: krakende en piepende deuren, notatieblaadjes die niet op de tafel pasten, en om over ruimte voor een kopje koffie nog maar te zwijgen.
Noteren moest dus gebeuren met een deel van het blaadje op een stukje tafel en het andere deel van het blaadje op je hand. Maar goed, daar hadden we nu allemaal geen last van in ons prijzenswaardige en memorabele Bussumse Denksportcentrum. Benadruk ik dit zo goed genoeg? Jawel toch.
Ik dacht: laat ik eens gek doen en het oude verslag van MSV van onze eerdere ontmoeting eens grondig teruglezen. Bijna een jaar geleden. De strekking was dat BSG zich gewoon aanstelde en dat het blijkbaar normaal is geen koffie of thee fatsoenlijk te kunnen neerzetten of nuttigen. En een beetje achtergrondmuziek van een café… ach, zo serieus is schaken toch niet?
Laat ik duidelijk en eerlijk zijn. Schakers zijn uiterst serieuze mensen die niet van verliezen houden. Ook houden ze niet van afleiding. Ontken je dat? Dan kun je beter nog wat meer privézaken van jezelf in een verslag vermelden en alles blijven bagatelliseren, in plaats van de klachten van meerdere clubs eens serieus aan te pakken.
Helaas was de man in kwestie (van dat verslag) vandaag niet aanwezig. Iets met luiers ving ik met een half oor op…
Kern en partijen
Qua spektakel op het bord was het naar mijn mening een vrij tamme middag met weinig spectaculaire partijen. Dat had ook te maken met de pionnensinterklaas, die blijkbaar al vroegtijdig in het land was.
Laat ik beginnen met de leukste partij en degene die me het meest is bijgebleven: de partij van Judit. Dat was er namelijk eentje om in te lijsten. Althans, bijna, moet ik helaas zeggen.
Na deze middag verloor Judit haar meer dan twee jaar durende ongeslagen status in de KNSB voor BSG tegen, wie kent hem niet, Dennis de Vreugt. Nog altijd een ijzersterke grootmeester van hoog niveau, die al sinds de jaren tachtig zeer actief is in de schaakwereld en een recente elo van ongeveer 2430 heeft.
Maar wat kwam deze GM goed weg! Na een ongeveer gelijk opgaande partij tot een zet of twintig nam Judit het initiatief over en kreeg zij twee extreem sterke lopers. De witte stelling begon er steeds wankeler uit te zien en kwam duidelijk onder druk te staan.
Helaas ging het op één moment mis en blunderde Judit haar gewonnen stelling met één zet weg. Dat is natuurlijk altijd pijnlijk.
Maar wat speelde Judit goed: gedurfd en agressief tegen een speler van dit kaliber.
Zoals Judit zelf mooi verwoordde:
“Precies midden in de storm van een (nog) drukke periode op het werk en een verhuizing, vond ik mezelf op bord 1 tegenover Dennis de Vreugt. Maar de waarheid is dat ik het eigenlijk erg leuk vond om als underdog te spelen. Het grote ratingverschil, de andere grote zorgen in het leven naast het schaken en de totale afwezigheid van druk om te moeten scoren gaven me een sereniteit die ik al lange tijd niet meer achter het bord had gevoeld.
Ik kon de stelling goed begrijpen, zelfs toen de partij veranderde in een tactisch pingpongspel met kansen en gevaren voor beide kanten. Door één enkele gemiste zet, als de vergelijking met de videogamewereld is toegestaan: een mislukte QTE (Quick Time Event, een moment in een videogame waarin je razendsnel de juiste knop moet indrukken), liet ik echter de kans liggen om de partij in mijn voordeel te beslissen.
Mijn gekozen alternatief bleek uiteindelijk een fatale fout te zijn. Natuurlijk liet Dennis die kans niet liggen. Ik kan mijn tegenstander alleen maar bedanken voor de spannende partij.”
Ik weet dat het misschien niet zo voelt, Judit, maar chapeau. Je mag echt trots zijn op deze partij. En ik denk dat niemand mij zal tegenspreken als ik zeg dat jij de (wo)man of the match was afgelopen zaterdag.
Jesper speelde gauw remise en mocht daar niet over mopperen. Zoals hij zelf zei: “Na een vrij saaie opening stond het redelijk gelijk, maar had mijn tegenstander Menno van Koningsveld niet echt een plan. Ik dacht slim te zijn door mijn stukken te centraliseren om een keer …e5-e4 te kunnen spelen. Dat bleek echter een enorme blunder te zijn. Gelukkig was ik me daar niet van bewust en mijn overigens sympathieke tegenstander ook niet, want die bood prompt remise aan. Na enig nadenken besloot ik het toch maar aan te nemen, vooral ook omdat verder iedereen goed stond, zodat ik thuis pas ontdekte aan welke ramp ik ontsnapt was.”
Timon speelde op bord 8 met wit tegen invaller Leon van den Berg, de zoon van Rienk, die zelf op bord 2 speelde.
“Leon koos voor een Ben-Oni-verdediging. Ben-Oni betekent zoon van mijn smart. (In de Bijbel geeft Rachel, de vrouw van aartsvader Jakob, haar pasgeboren zoon deze naam na een zware, smartelijke bevalling.) En een smartelijke bevalling werd het ook voor de zoon van Rienk. Na twaalf zetten stond hij al een pion achter, stond er een vijandige loper op d6 die rokeren verhinderde en was hij zijn loperpaar kwijt. Hij hield het nog vol tot zet 26, maar de nederlaag stond toen al vast.”
Ton had met wit een pion geofferd voor positionele druk en compensatie tegen vader Van den Berg. Hij won met een tactische wending de pion terug en stond daarna beter. Helaas speelde hij het niet optimaal, waardoor zwart weer in de partij kwam. In het eindspel kreeg Ton echter een zeer gevaarlijke vrijpion. In tijdnood deed de zwartspeler twee zwakkere zetten achter elkaar, waarna Ton met een tactische wending een stuk kon buitmaken. Daarna was het kat in het bakkie.
Mijn eigen partij was vrij vaag. Ik refereer graag aan de titel van dit verslag: het pionnendebacle. Aangezien ik naast Timon zat en zag hoe zijn tegenstander heel vriendelijk een pion weggaf, dacht mijn tegenstander (Alwin Pauptit) blijkbaar: “Dat kan ik beter! En origineler!” En dat lukte hem.
Ik kreeg namelijk eerst een pion cadeau. Daarna nog een. En vervolgens ook nog een kwaliteit. Dit alles in drie opeenvolgende zetten. Mijn reactie was er een die je vaak ziet bij Hikaru Nakamura: complete verbijstering. Ik nam alles dankbaar aan en even later kon mijn tegenstander opgeven. Toen ik hem na afloop vroeg wat het idee erachter was, kreeg ik als antwoord dat hij compensatie dacht te hebben omdat mijn koning niet helemaal veilig stond.
Tja… oké.
Ewoud speelde met zwart tegen Andries Mellema en noemde zijn eigen partij wat matig. Hij besloot zijn Siciliaan weer eens te spelen om meer winstkansen te creëren. Daar kwam weinig van terecht, omdat er veel werd geruild en een stelling met ongelijke lopers ontstond. Misschien had Ewoud remise moeten aannemen, maar hij wilde niet als eerste klaar zijn. Toen hij doorspeelde, werd hij iets te optimistisch en verloor een pion door een simpel trucje. De stelling leek daarna vrij hopeloos. Gelukkig zat er een engeltje op zijn schouder. Toen zijn loper weer in het spel kwam, bood zijn tegenstander remise aan. Dat werd aangenomen.
Met wit op bord 4 kwam Henk iets beter uit de opening na een verkeerde keuze van tegenstander Richard de Vos (1733) op zet 16. Op zet 18 won wit een pion en daarmee in feite ook de partij. Hoewel het een vrij eenvoudige winst was voor Henk, duurde het toch nog tot zet 43 voordat het punt daadwerkelijk binnen was.
Rein speelde met wit een vrij symmetrische partij met paard tegen loper, een type stelling dat vaak lastig te winnen is. Rein laat echter regelmatig zien dat hij dit soort stellingen wel degelijk kan uitmelken. Toen hij een minoriteitsaanval kon doorzetten, voelde de partij eigenlijk al gewonnen. Hij breidde zijn voordeel zet voor zet uit, waarna tegenstander Micha Jans uiteindelijk uit frustratie ook nog een toren weggaf. Ook hier verscheen even een klein Hikaru Nakamura-gezicht.
BSG (2147) – MSV (2064) 6-2
1. Judit Clopés Llahi (2170) – Dennis de Vreugt (2430) 0-1
2. Ton van der Heijden (2225) – Rienk van den Berg (2032) 1-0
3. Ewoud de Groote (2253) – Andries Mellema (2207) ½-½
4. Henk van der Poel (2191) – Richard de Vos (1733) 1-0
5. Jesper de Groote (2173) – Menno van Koningsveld (2165) ½-½
6. Rein Brouwer (2138) – Micha Jans (2016) 1-0
7. Mark Grondsma (2091) – Alwin Pauptit (2028) 1-0
8. Timon Brouwer (1935) – Leon van den Berg (1902) 1-0
Slot
Als afsluiter gingen we dineren bij de nieuwe eigenaren van de Kantonese Specialiteiten. Daar kwamen we toevallig onze tegenstanders van die dag weer tegen. Ze bleken in ieder geval wél van het Bussumse Chinese eten te houden. Gold dat ook maar voor hun arme voetvolk, de pionnen, op het schaakbord die middag.