Op maandag 20 april speelde BSG 2 SOS haar laatste wedstrijd van het seizoen. We stonden met maar één matchpunt meer op de zesde plaats en moesten het opnemen tegen Het Dikke Torentje uit Eemnes. Dit team, met enkele bekende gezichten, stond nog op nul punten. Op papier zou dat te doen moeten zijn, maar dit seizoen verliep zo wispelturig dat ik moest denken aan de volgende tegeltjeswijsheid: niets is zeker en zelfs dat niet.
Door Harold van der Laan
Wij hadden te maken met een paar afzeggingen. Lodewijk was verhinderd, voor wie Teun de Haan bereid was in te vallen. En vanwege een last-minuteafmelding van Theo moest ik ter plekke een vervanger zoeken. André Sueters was direct bereid in te vallen. Grappig was dat Jeroen hem al benaderd had hiervoor en iets later vroeg ik hem hetzelfde. Over zijn inzet kon dus geen enkele twijfel bestaan. Maar toen de gasten arriveerden kreeg ik de melding dat bij de Eemnessers zich drie spelers hadden afgemeld, terwijl ze maar twee vervangers hadden kunnen vinden. Het eerste punt was daarmee al binnen.
Wel zat ik toen met het punt dat ik stante pede weer moest schakelen om te kijken hoe we dat konden oplossen. Wie kon er vrij worden gesteld van spelen? Het werd André. Dit besloten we nadat de teamcaptain van Het Dikke Torentje aan had gegeven dat het voor hen, gezien de stand, toch niet meer zoveel uitmaakte om geheimzinnig te doen over de opstelling. Het was hun tweede bord dat leeg zou blijven. Dus toen ik alle spelers een bordje op wilde schuiven kwam ook de suggestie om André op bord 2 op te stellen, het bord waar ik Melchior voor in gedachten had. Melchior vond het geen probleem aan bord 8 plaats te nemen, waar ik André oorspronkelijk wilde opstellen. Door dit stuivertje wisselen kwam de opstelling tot stand.
We namen plaats, begonnen te spelen en toen zag ik, na ik denk een halfuurtje of iets langer, Teun ver van het strijdgewoel verwijderd alleen aan een tafel zitten. Ook zag ik op een paar borden van mij verwijderd de stukken in de beginstelling staan en een koning van de verkeerde kleur in het midden ervan prijken. Ik ging even naar Teun toen om te vragen wat er aan de hand was. “Het was verschrikkelijk”, zei hij. Het stond dus al snel weer gelijk.
Voor de rest bleek het absoluut geen walk-over. Maar deze keer viel het dubbeltje wel steeds de goede kant op gelukkig. Een paar fragmenten wil ik er even uit lichten. Tom boekte een solide overwinning op BSG’er Sicco Reeskamp. Melchior boekte een naar eigen zeggen saaie remise tegen ex-BSG’er Bob Kat, waar volgens hem weinig vermeldenswaardigs gebeurde.
Aan het eind van de avond maakte ik nog wat foto’s van diverse partijnotaties in de hoop dat er nog wel wat spectaculairs te beleven viel. Jeroen zei dat zijn laatste zet een briljant slot van de partij was. Laten we daar dan eerst maar even naar kijken. De stand na 33. Te1 is als volgt:
Daarmee wordt Jeroen topscorer van het team met 4½ uit 7.
Dan de partij van Roel, de runner-up met 4 punten.
Een paar zetten later staat het zo.
Hoe dit afloopt is een mysterie. Wit is aan zet en de stelling wordt gewaardeerd als exact gelijk. Ik zie op de foto van de partij nog bij een paar zetten een streepje staan en dan 0-1. Wit moet dus behoorlijk misgegrepen hebben. Welke blunder moet wit maken zodat zwart de partij in een paar zetten kan beslissen? Schaakproblemen van die orde kom je normaliter niet tegen. Er zal vermoedelijk wel iets zijn gebeurd met het niet correct reageren op het doorlopen van de h-pion, of met het verlaten van de diagonaal a8-h1 door de dame. Of misschien is de aanval van de pion op f6 wit toch fataal geworden door bijvoorbeeld Tcf1 gevolgd door Tf6. Dan is Df3 voldoende maar als je in plaats daarvan met het paard de toren slaat of de pion wilt dekken dan kan dat niet, want dan valt de dame. Het is best leuk om ook zo eens naar een stelling te kijken.
Van de partij van Cees Jan had ik geen foto. En bij mezelf ging het weer eens als vanouds. Pion voor, betere stelling, en dan toch weer de kwaliteit verliezen. Deze keer won ik hem wat later gelukkig weer terug en toen liet ik de winst niet meer glippen.
De teamoverwinning was een feit. Handhaving ook. Maar na degradatie afgelopen seizoen denk ik dat er dit jaar iets meer in had gezeten dan een zesde plaats. We mogen komend jaar weer laten zien dat het beter kan.
BSG 2 SOS (1790) – Het Dikke Torentje (1703) 5½-2½
1. Tom de Ruiter (1966) – Sicco Reeskamp (1746) 1-0
2. André Sueters (1653) – NO 1-0
3. Teun de Haan (1789) – Hans Gevaert (1707) 0-1
4. Cees Jan den Haan (1773) – Pieter van der Merwe (1881) 0-1
5. Jeroen Olislagers (1794) – Martin Sprong (1724) 1-0
6. Harold van der Laan (1784) – Bert Jan van Oel (1722) 1-0
7. Roel de Vrijer (1747) – Bart Vissers (1511) 1-0
8. Melchior Brandenburg (1816) – Bob Kat (1627) ½-½
Vanuit de diagramstelling volgde 35. Tc2 Txf6 36. Pxf7?? Dxd5 en na nog een paar zetten gaf wit op. Txf6 was bij nader inzien geen sterke zet, maar het pakte goed uit.