Tag archieven: 2022-2023

BSG 2 (KNSB) verplettert LSG 4

Op zaterdag 11 februari gingen we met het tweede KNSB team naar het denksportcentrum in Leiden. Er speelden 6! teams van LSG thuis, dus het was een drukke bedoeling en het paste dan ook allemaal precies in het denksportcentrum, waar we dan ook vlakbij de grootmeesters zaten. De auto konden we recht voor de deur parkeren op 3 meter van de ingang en dat was nog gratis ook (nee ik stond niet op een invalide plek), waar vind je dat nog?

We moesten tegen LSG 4 die nog al hun wedstrijden hadden gewonnen en op de tweede plaats stonden, omdat zij een wedstrijd minder hadden gespeeld dan de koploper, we waren dus gewaarschuwd en mijn verwachtingen waren niet al te hoog gespannen.

Naast mij speelde Cees en na anderhalf uur spelen zag ik dat hij een paard (voor een pion) had verloren. Het leek slechts een kwestie van tijd voordat Cees zou moeten opgeven. De andere borden stonden min of meer gelijk, alhoewel Theo een sterke half open D-lijn had gecreëerd en Herman een mooie aanval op de koning had. Deze aanval leek niet door te slaan en langzaam werd Herman weer terug geworpen. Ikzelf had een scherpe variant van de Caro-kann op het bord, waarbij ik duidelijk het initiatief had, maar wel een versplinterde pionnen structuur moest incasseren.

Terwijl ik in diep gepeins was verzonken, hoorde ik Kees Jan (van D), die aan de andere kant naast mij zat, een remise aanbod doen. Dit aanbod werd afgeslagen met de mededeling, ‘ik moet door want wij staan dik achter’.  Dit maakte mij nieuwsgierig en ik besloot de andere borden nog maar eens te inspecteren. Groot was mijn verbazing toen ik langs de vier topborden liep en zag dat de koning van onze spelers vanuit de begin opstelling in het centrum was geplaatst. Dat betekende 4-0 in ons voordeel! Ondertussen speelde Cees nog dapper door met zijn stuk minder en had hij inmiddels een behoorlijk stevige vesting weten te bouwen. Zelf had ik inmiddels het initiatief verloren, omdat ik dacht zijn a-pion te kunnen winnen en ik zo een mooie vrije randpion zou creëren. Helaas moest ik die pion weer vrij snel inleveren en moest ik in het vervolg vechten om overeind te blijven. Rob Disselhoff wist het evenwicht in zijn partij te behouden en koos terecht voor de veilige remise. Met dit halfje erbij was de druk van de ketel en de overwinning een feit. Tot mijn verbazing wist Cees nog een extra pionnetje van zijn tegenstander af te snoepen en kreeg hij ook op het bord steeds meer compensatie voor die verloren knol.

Links van mij zag het er ook steeds rooskleuriger uit, Kees Jan was ver naar voren gerend met één van zijn pionnen en promotie was uiteindelijk niet meer af te wenden en dus werd het 5½ – ½. De tegenstander van Cees keek ondertussen steeds benauwder, nadat Cees brutaal zijn pionnen naar voren dirigeerde. Hij bood remise aan welke Cees direct aannam. Op mijn eigen bord stond een lastig eindspel van Toren+Loper en drie pionnen. Ik probeerde pionverlies te voorkomen door de kwaliteit te geven + pion. Door een kleine onnauwkeurigheid van mijn tegenstander kon ik de veilige remise haven bereiken. Mijn tegenstander bleef echter stug doorspelen en het duurde even voordat hij door had dat hij met zijn kale toren niet kon winnen van een loper + pion die elkaar ook nog verdedigen.

De eindstand kwam hiermee op 1½ – 6½ ! in ons voordeel. Bij aankomst terug in Bussum werd deze mooie overwinning zonder verlies partij door een aantal teamleden gevierd met een etentje bij Archibald. Deze onverwacht grote overwinning zorgt ervoor dat wij de tweede plaats hebben overgenomen van LSG en nu op 2 punten verwijderd zijn van de koploper, Caïssa. Wij hebben echter een wedstrijd minder gespeeld en moeten nog in de laatste ronde tegen Caïssa. Hierdoor hebben we het op dit moment nog steeds in eigen hand om kampioen te worden. Hiervoor moet er ook nog wel van Zuid-Oost United worden gewonnen, die weliswaar een stuk lager staan, maar een aantal keer net ongelukkig hebben verloren. Bovendien is hun gemiddelde ELO gelijk aan die van ons. Het blijft dus spannend in de 4e klasse E.

Het David-effect

Op 16 februari speelde BSG 1 uit tegen Doorn Driebergen 1 in de hoofdklasse B van de SOS competitie. Als we deze wedstrijd zouden winnen, en als er in de volgende ronde tegen het ijzersterke Woerden een wonder zou gebeuren, dan hadden we kansen op de titel. Het heeft niet zo mogen zijn: de einduitslag was 4,5-3,5, waarop we dit jaar een abonnement schijnen te hebben, maar helaas met de 4,5 aan de verkeerde kant van het scorebord.

De thuisploeg had een tactische opstelling gekozen, waardoor er maar liefst vijf partijen David tegen Goliath op het programma stonden, dat wil zeggen, vijf partijen waar het ratingverschil rond de 150 punten of meer was. Iemand heeft ooit gezegd dat het kenmerk van een grootmeester is, dat deze op papier zwakkere tegenstanders inderdaad ook kan verslaan. Dat is geen gemakkelijke opgave, want de sterkere speler moet tegen het David-effect strijden: de speler met de lagere ELO heeft niets te verliezen, en wil zijn huid zo duur mogelijk verkopen. Dat doet wonderen voor zowel de concentratie als de motivatie van de David. Zo ook in deze wedstrijd: de Davids scoorden al met al 1,5 punt. Helaas hadden wij slechts twee Davids in het veld staan, Rik en Jeroen, en van onze Goliaths won slechts Mark grootmeesterlijk: daarmee leverden deze partijen elk team 2,5 punten op.

In de meer evenwichtig opgestelde partijen moesten Herman en Theo het hoofd buigen, terwijl Ruben het tweede volle punt voor BSG scoorde, waarmee we slechts 3,5 punt mee naar huis konden nemen.

Twee vorken

In de SOS hoofdklasse B speelde Moira Domtoren 1 op 16 januari in Bussum tegen BSG 1. Het verschil in gemiddelde ratings was bijna 80 punten, en de uitslag van 3-5 voor Moira weerspiegelt dit.

Maar helemaal zo eenvoudig waren de zaken niet. Wat er aan de laatste vier borden precies is gebeurd, heb ik niet meegekregen: Rob T. en Cees Jan verloren, Bert en Rob D. maakten remise. Ik zelf was vreselijk aan het knoeien, wat je je bij een veel sterkere tegenstander niet kunt veroorloven: daarmee stond het al 1-4.

Aan de eerste drie borden ging het beter. Mark had een kwaliteit minder, maar een hele vloot pionnen meer. Deze rukten gestaag op, en hij stond misschien gewonnen. Theo stond zelfs glad gewonnen, terwijl Ruben tegen een moeilijke stelling aan keek. Nu is Ruben de laatste tijd buitengewoon goed op dreef, zodat ik nog een voorzichtige hoop op gelijkspel koesterde. Toen sloeg het noodlot toe, blind, dat wel, in de vorm van twee paardenvorken. De eerste spiesde een volle toren van Theo op: we mogen van geluk spreken dat er nog een half punt over bleef. Minuten later won Ruben met de tweede vork een kwaliteit, waarna zijn tegenstander gauw de vlag streek. Het laatste woord was aan Marks pionnenleger, dat echter als een sneeuwman in april was samengesmolten, zodat we blij mochten zijn met nog een laatste halve punt.

Flow

Op 12 december — ja, uw verslaggever loopt achter — won BSG 1 (SOS) thuis tegen Zeist 1 met alweer het kleinst mogelijke verschil.

De wedstrijd was oorspronkelijk gepland op pakjesavond, maar daarna een week verschoven. Joan Arensman en Eddy van de Velden versterkten de vaste kern van het team. Eddy’s partijen zijn nooit saai: tegen het eind van deze partij hadden zowel wit als zwart een ver opgerukte vrijpion. Helaas was op deze avond de pion van de tegenstander de meer gevaarlijke, en de partij was niet meer te houden. Gelukkig had Joan op zijn rustige en onweerstaanbare wijze zijn tegenstander te weten overspelen, zodat de stand in evenwicht was. Voor de rest leek iets als decembermoeheid rond te gaan: Mark, Ruben, Theo, ik, en Rob lieten allemaal remises aantekenen, zodat het lot van de wedstrijd in de handen van Bert Balke en zijn tegenstander lag.

Toen ik mijn ogen op bord zeven richtte, rezen me de haren ten berge. Bert had een toreneindspel met een pluspion en goede winstkansen, maar op zijn klok waren slechts 30 seconden overgebleven. Tegelijkertijd had hij het uiterlijk van iemand die er goed voor is gaan zitten en even op zijn dooie gemak een moeilijk probleem gaat oplossen. Hij verkeerde klaarblijkelijk in opperste concentratie, of wat de psychologen ‘flow’ noemen. En inderdaad, hoewel alle toreneindspelen remise zijn (behalve de gewonnenen), speelde Bert het eindspel heel gestructureerd, maar met tactische trucjes als het nodig was, terwijl zijn tegenstander steeds wanhopiger op de klok keek: Berts gemiddelde tijdverbruik was vrijwel precies 10 seconden per zet, zodat niet hij dichter bij de vlag kwam, maar zijn tegenstander wel, die uiteindelijk niet meer de rust vond om de steeds dieper liggende remisekansen te grijpen en de pluspion niet tegen kon houden.

Bert analyseerde nog kort een paar van de meest interessante aspecten van het eindspel, keek toen op, en terwijl hij naar de gewone wereld terugkeerde, vroeg hij wat nu eigenlijk de uitslag van de wedstrijd geworden was.